Zelf een lantaarn maken voor Sint Maarten

Sterre Simons

Ergens begin november wordt het merkbaar. Om 17:00 is het al donker. Precíes op dat moment valt Sint Maarten. Kinderen maken een lantaarn, steken hun lichtje aan en lopen ermee door de straten. Ze zingen voor de deuren en krijgen iets lekkers. Het is een feest waarbij kinderen zelf het licht van binnen naar buiten dragen.

Waar het feest vandaan komt

Martinus was een Romeinse soldaat die bij de stadspoort van Amiens een bedelaar zag zitten, halfnaakt in de kou. Martinus had niets bij zich, behalve zijn mantel. Die sneed hij doormidden en de helft gaf hij weg aan de bedelaar. Later kwam de bedelaar terug in een droom en bleek de goede God te zijn die Martinus liet zien wat zijn daad betekend had.

Dit is ook meteen het hele verhaal en de beknoptheid ervan maakt het, vind ik, zo mooi. Je geeft iets weg wat je zelf nodig hebt, aan iemand die het kouder heeft dan jij. Maar je geeft net álles weg omdat ook jijzelf warm moet blijven! Een prachtige boodschap waar je voor jonge kinderen geen les van hoeft te maken. Ze begrijpen het terwijl je het vertelt, eventueel sfeervol gemaakt met het licht van een lantaren.

Hieronder beschrijf ik 3 verschillende manieren om een lantaarntje te maken om de straat op te gaan. 3 verschillende technieken, maar allemaal met een sfeervol eindresultaat!

Manier 1. een lantaarn van vliegerpapier

Dit is de klassieke transparantlantaarn, en de mooiste als hij eenmaal brandt. Je maakt een cilinder van stevig karton, knipt daar ramen in, en plakt aan de binnenkant vliegerpapier over de openingen. Dat papier is dun genoeg om licht door te laten en sterk genoeg om niet te scheuren.

Werk met twee of drie kleuren die over elkaar heen mogen lopen. Waar rood en geel elkaar overlappen ontstaat oranje, en dat is precies het effect waar je het voor doet. Laat je kind zelf scheuren in plaats van knippen: gescheurde randen zien er zachter uit.

Met kartonnen knutselstroken maak je er een stevige bovenrand en een hengsel aan.

Manier 2. een jampotlantaarn

De snelste variant en geschikt om te maken met kinderen vanaf de peuterleeftijd. Neem een schone glazen pot, smeer hem van buiten in met behangplaksel of verdunde lijm, en plak er stukjes vliegerpapier op. Laat drogen, doe er een lichtje in en bind ijzerdraad strak om de hals als hengsel.

Een pot is zwaarder dan een papieren lantaarn en ook breekbaarder (als hij valt). Voor een kind dat de hele optocht meeloopt vraagt dat even inschatten of hij of zij dit vol kan houden.

Manier 3. een uitgeholde knol

De oudste vorm, van vóór het papier. Een suikerbiet of koolraap wordt uitgehold. Er worden figuren in gemaakt met een gutsje en er gaat een kaarsje in. Het is zwaar werk want naast het uithollen en het maken van de figuren gaat de lantaarn maar één avond mee. Ingesmeerd met vaseline kan hij trouwens wel tot een paar dagen nadien schitteren op de seizoenstafel.

Juist daarom is het de moeite waard. Kinderen onthouden de bietenlantaarn nog jaren later, en de geur die vrijkomt als de kaars het vruchtvlees verwarmt hoort er onlosmakelijk bij!

Het lichtje: rol het zelf

Wat er in de lantaarn gaat maakt meer uit dan je denkt. Een kaarsje van pure bijenwas geeft een warmer licht dan paraffine, en het ruikt naar honing zodra het brandt. Sommigen verkiezen een nep kaarsje boven een echte.

Toch hoort bij een Sint Maarten-tocht een echt vlammetje. Het is voor een kind een uitdaging om het kaarsje brandend thuis te krijgen. Je moet je hand er voorzichtig omheen houden als er wind staat, niet te wild zwaaien met je lampion en een beetje opletten waar je loopt. Soms flakkert de vlam, soms gaat hij bijna uit en soms moet je even stoppen om hem opnieuw aan te steken.

Met een nepkaarsje hoef je nergens meer op te letten. Het blijft gewoon branden, hoe hard je ook loopt of hoe de wind ook waait. Handig, zeker met kleine kinderen, maar het haalt ook iets weg van de beleving. Een echte vlam vraagt om aandacht. Je draagt je lantaarn voorzichtig, beschermt het licht met je hand en probeert samen de vlam brandend te houden tot je weer thuis bent.

Veilig de straat op

Een echte vlam in een papieren lantaarn vraagt om toezicht. Houd de lantaarn ruim, zodat het papier of vruchtvlees niet tegen de vlam kan komen, en gebruik een hengsel dat lang genoeg is om de lantaarn ver van het lichaam te houden. Een stukje bamboe om het hengsel maakt een handvatje dat niet in je hand snijdt.

En dan lopen

En dan is het zover. Het kaarsje brandt, de lantaren is klaar en buiten is het donker. Lichtje voor lichtje trekken de kinderen door de donkere straten, zingend van deur naar deur. En na afloop komen ze thuis, moe maar voldaan. Binnen opwarmen met iets te snoepen van het lekkers dat is opgehaald aan de deuren en iets te drinken. Het was weer een geslaagde avond die je je nog lang zult heugen!

Alles wat je nodig hebt voor het maken staat bij elkaar in onze Sint Maarten-collectie.

Ons assortiment

Terug naar blog

Nog iets nodig voor Sint Maarten?